Jaap Willems

Niet anders

De meeste senioren zijn niet anders

 Senioren worden meer en meer een apart gezet. Er is weer even een ouderenpartij, die  benadrukt dat zij anders is dan de anderen. We hadden al een apart tijdschrift voor senioren, PLUS Magazine, en een eigen seniorenomroep; daarnaast verschijnen er nu steeds meer boeken en sites voor en over gepensioneerden. De filosoof Joep Dohmen is bezig een speciale studiegroep op te zetten over goed oud worden.Onlangs is Kène Henkes aan de Universiteit van Tilburg benoemd tot de eerste hoogleraar pensioensociologie en aan de VU worden binnenkort proefschriften verdedigd over de nieuwe maatschappelijke rol van grootouders. Senioren komen dus meer en meer in de belangstelling, maar zij worden daarbij ook steeds vaker weggezet als een aparte groep. Dat lijkt onjuist. 

 Natuurlijk zijn veel senioren anders dan jongeren. Alleen al door hun levenservaring en vooroordelen zullen zij veel onderwerpen op een eigen manier benaderen. Maar de verschillen zijn veel minder groot dan vaak wordt verondersteld. Dikwijls kun je daardoor de leeftijd van iemand niet meer aflezen aan zijn of haar uitspraken of activiteiten. Je hebt conservatieve en progressieve jongeren en dito ouderen, voortrekkers en volgers van alle leeftijdscategorieen. En als er al verschillen tussen generaties bestaan, dan ontstaan die niet plotseling na het passeren van een bepaalde leeftijdsgrens, bijvoorbeeld 65. De scheidslijn tussen jongeren en ouderen kun je ook daardoor niet meer aan een specifieke leeftijd koppelen. Waarom plaatst men bijvoorbeeld gepensioneerden dan toch steeds meer in een aparte categorie?

 De filosoof Jan Baars verklaart in zijn boek Het Nieuwe Ouder Worden die aparte plaats van senioren vooral door de koppeling aan werk. Zolang mensen meedoen in het arbeidsproces tellen ze mee, schrijft hij; als ze - al dan niet vrijwillig - met pensioen gaan is dat voorbij. Vroeger was dat op je 65e. De relatie tussen leeftijd en werken pleit  

juist tegen het idee dat senioren een aparte groep vormen. Onderzoek van het NIDI, het Nederlands Interdisciplinair

 Demografisch Instituut in Den Haag, laat namelijk zien dat die relatie steeds zwakker wordt: veel jongere werknemers trekken zich al ver voor hun 65e terug uit het arbeidsproces en een groeiende groep ouderen zoekt weer werk nadat ze formeel zijn gepensioneerd. Pensioensocioloog Henkes verwacht dat dit in de toekomst steeds meer zal gebeuren.

 Als al dan niet werken onbruikbaar is om ouderen als een aparte categorie te beschouwen, dan kun je hun lichamelijke en geestelijke gezondheid waarschijnlijk als criterium nemen. Maar ook dat blijkt niet mogelijk. Jarenlang onderzoek binnen het Amsterdamse LASA-projekt laat weliswaar zien dan ouderen inderdaad gemiddeld minder gezond zijn, maar er zijn grote groepen senioren die er na pensionering qua gezondheid juist op vooruit gaan. Bijna eenderde van hen zou na het stoppen met werken gezondheidswinst boeken, evenveel overigens als er dan qua gezondheid op achteruit gaan. Geriaters melden dat de leeftijd van hun patiënten voortdurend opschuift; de meeste ouderen zien ze pas als die de zeventig zijn gepasseerd. Medici en gerontologen onderscheiden daarom liever een derde èn een vierde levensfase. Na de eerste (jeugd) en de tweede (volwassenheid) komt niet direct de laatste (ouderdom), maar krijg je eerst nog te maken met een periode waarin nog van alles mogelijk is en de grens tussen de tweede en derde fase lijkt vloeiend.

 Als niet meer werken geen reden is en ook geestelijke en lichamelijk aftakeling een onbruikbaar argument zou zijn, dan kun je misschien het al dan niet maatschappelijk functioneren als motief hanteren voor een aparte status voor senioren. Dat leek lang een

valide argument want veel senioren hebben de neiging om zich terug te trekken uit het maatschappelijk leven. Helaas: de babyboomers, die momenteel massaal met pensioen gaan gooien nu roet in het eten: zij weten vaak van geen wijken. En daarnaast zie je dat er onder dertigers en veertigers meer en meer de neiging ontstaat om vroeg gas terug te nemen.

Anders gezegd: het is ondoenlijk om 65-plussers als aparte groep te nemen. De overgang van de ene levensfase naar de andere is gradueel. Gepensioneerden vormen daardoor geen duidelijk herkenbare groep meer. De ouderenpartij van Jan Nagel voert een achterhoedegevecht. De senior bestaat niet.

 

 

 

Boeken bestellen

Met Pensioen

o.a. bij BOL en bij Mets en Mets

en als e-book bij Mets&Mets

 

 

Late Liefde en De Erfenis:

bij Nieuw Amsterdam

noimage